Dit weekend besloot Groen-boegbeeld Kristof Calvo de stilte na de verkiezingen te doorbreken. Ik had persoonlijk deze man anders best nog wat rust gegund. Enfin, naar het illustere voorbeeld van Kristof, wordt het maar eens tijd dat ik de 9 maanden stilte op de blog ook doorbreek.
Waar waren we gebleven, juist de Ironman 70.3 van Lanzarote in oktober 2018. Door de waanzinnig drukke professionele periode sinds augustus 2018, heb ik niet meer de tijd genomen om nog een deftig verslag van die wedstrijd te compileren. Op zich een beetje jammer want uiteindelijk was ik best tevreden van al de aspecten van mijn race, met een aardige eindtijd als resultaat. Vanessa liep nog een eind van me weg tijdens de loopproef (met een ticket WK als gevolg) maar ik hield toch stand tegen de genaamde Van Meel P. en kon ook Kevin onderweg nog aanmoedigen naar een knappe finish.
Na Lanzarote is 99% van mijn tijd inclusief weekends in het werk gekropen. Absoluut voldoenend dus ik heb er geen spijt van. Toen de omstandigheden in het bedrijf echter wat begonnen veranderen voorjaar 2019, ben ik ook terug meer gaan sporten. Met een voorbereiding van 4 weken heb ik nog deelgenomen aan de marathon van Antwerpen. De eerste 32km gingen nog supervlot, maar je moet ook met je voeding bezig zijn ipv tegen iedereen te sjauwelen natuurlijk, dus werd het nog een lange strijd. Maar ik was vooral content dat ik terug aan het sporten was.
In juni dan toch eindelijk een dikke week vakantie en gaan fietsen en lopen in Spanje. Ik besloot me nog in te schrijven voor de Ironman 70.3 van Slovenië in september en trok dan ook maar terug naar het zwembad. Dankzij sponsor Hiddit en wat overtuigingskracht van Steve, stond ik gisteren als eerste testje aan de start van Ironman 5i50 (kwarttriatlon) in Hoorn, West-Friesland.
Al heel snel na aankomst bleek het hier om een zeer idyllisch havenstadje aan het Markermeer te gaan met een zeer professionele organisatie. Steve en ik stonden naast elkaar in de wisselzone te midden van een 800-tal hoofdzakelijk Nederlandse sportievelingen. Ook ons supporterslegioen was zeer talrijk aanwezig... Nathalie, bedankt!
Hoog waren onze verwachtingen dat een kanonschot van het Middeleeuws schip voor de kust de rolling wave start om 13u zou inluiden. Het werd echter een flauw fluitje van de referee... Elke 5 seconden vertrok een groepje zwemmers voor de 1500m in het brakke water. Het meest merkwaardige hieraan was vooral het feit dat we de eerste 150m konden blijven stappen tot onze knieën in het water. Natuurlijk moest ik toch over die ene steen struikelen en al plat op mijn gezicht gaan na 50m. Een verwonderde blik van aquajogger Steve naast mij, maar al bij al heb ik de rug letterlijk snel gerecht. Er blijken echter wel beelden van te zijn ...
De eerste honderden meters nadien heb ik vooral wat gezwalpt, maar nadien toch in de goede stroom terecht gekomen en na 28 minuten het water verlaten. Ik was content na 8 zwemloze maanden en slechts een 4-tal zwemtrainingen. In de wisselzone even terug mijn wisselzak moeten zoeken maar al bij al snel weg voor 40 km langs de dijken en polders van West-Friesland. Hans had me vorige week nog geadviseerd mijn zadel een cm of 2 vooruit te zetten en dit heeft me geen windeieren gelegd. 40 kilometers heb ik vrolijk in de beugels door de wind gekliefd, steeds met een beetje reserve. Ik jaagde de concullega's zo hard op dat eentje zelfs spontaan de kant in reed om me door te laten. Toch sympathieke gasten die Hollanders! Ik reed uiteindelijk binnen met een gemiddelde van 34,5km/u. Er waren wel best wat mensen me gepasseerd maar ik wou vooral de nieuwe fietsconfiguratie goed testen en ook eens kijken hoe hard ik nog zou lopen in mijn eerste deftige race sinds lang. Ik zou al die gasten wel terug pakken...
De wissel ging wel hool vlot voor mijn doen en ik al na de eerste stappen voelde ik dat het goed zat. Een schitterend loopparcours door de dorpskern, de natuur en langs de haven met overal veel lokale supporters. Mijn tempo stokte niet en ik bleef de mensen maar oprapen tijdens de 2 rondjes van 5km. Uiteindelijk zou ik 40 plaatsen inhalen tijdens het lopen en als 145e man arriveren, 26e op 80 in mijn age group, na 2u29. Ook Steve liep nog geweldig goed en kwam 20 minuutjes later binnen.
Het lijkt alsof we terug vertrokken zijn. Volgende week vakantie en dan vooral wat extra kilometers met de TT doen. Foto's volgen nog.
Deze blog begon in 2009 als het verhaal van een tennisser van 103kg die een droom had om zich ooit een triatleet te mogen noemen. Ondertussen zijn we vele avonturen verder en vervolgen we het verhaal van een IRONMAN met nieuwe dromen ... Deze blog begon als dagboek maar groeide uit tot een ware inspiratiebron van verhalen, ervaringen en tips. Hopelijk kan hij meer mensen motiveren tot het neerzetten van grote persoonlijke prestaties.
maandag 8 juli 2019
zondag 30 september 2018
Naar Lanzarote om te genieten
Dinsdag stappen Peter, Kevin, Vanessa en ondergetekende op de Transavia boeing (ze hebben daar geen airbussen) richting La Santa voor de Ironman 70.3 van Lanzarote. Een weekje goed weer, leuk gezelschap, en misschien wel een WK-ticketje voor Vanessa. Ook Tony Hiddit zal van de partij zijn als sponsor, altijd leuk met Tony.
Persoonlijk ga ik vooral proberen de dagen voor de wedstrijd nog wat kilometertjes te doen, en tijdens de wedstrijd genieten van de omgeving en sfeer. De motivatie om gestructureerd te trainen is al even weg, en ik heb zelfs even geen nood aan de wedstrijdsport meer. De voorbije jaren had mijn lichaam en geest 'extreme' sportieve uitdagingen nodig om het soms te weinig uitdagende werk te compenseren. In augustus heb ik bij Corsearch echt een professionele uitdaging gevonden waar ik al mijn opleidingen, capaciteiten en ervaring voor uit de kast moet halen. De persoonlijke voldoening daarvan is momenteel zo veel groter dan van trainen of wedstrijden doen, eerlijk is eerlijk, ook al schrik ik er zelf wel beetje van. Maar ooit moest die opportuniteit er natuurlijk eens komen. Een loopje na een drukke werkdag maakt het momenteel helemaal af, en meer moet het even niet zijn.
Ik heb me dit jaar nog geweldig geamuseerd op de marathon van Antwerpen, de Climbing for Life in de Vogezen, en zeker ook in de trio-wedstrijd van Deinze (waarvoor nog altijd dank voor de uitnodiging Marc), waar ik de halve marathon liep. Op de één of andere manier ontspant individueel lopen we nog mateloos (vannacht nog 2u solo gelopen voor goed doel), en een vrijblijvend fietstochtje of zwemmetje kan me nog bekoren, maar het structureel en in clubverband 'trainen' is er even te veel aan. Ik vind het persoonlijke zeker geen sportief dipje maar even het moment om het sporten op een andere minder 'stresserende' manier te beleven.
Even een stapje terug nemen dus en focussen op 'niks moet alles mag'. Het gewicht onder controle houden en dan wat loopjes, misschien paar marathons meepakken. De run-bike van Hofstade doen we ook nog mee, wordt zeker lachen. De conditie is in elk geval nog best aardig, vooral qua lopen. En dan zien we weer wel verder volgend jaar of nadien, eerst naar Lanzarote toch nog eens alles uit de kast halen wat er nog inzit, maar vooral proberen genieten! Het blijft toch een beetje ons eiland.
dinsdag 7 augustus 2018
Van Jan naar Iron man in 11u05min
De gastverslagen van Hans motiveren blijkbaar ook andere vrienden tot het schrijven van zeer smakelijke verslagen van hun capriolen. Hieronder het verhaal van clubgenoot en taalvirtuoos Jan de Jong, over zijn eerste Ironman triatlon in Maastricht. Veel leesplezier!
Voorbereiding
Toen ik drie jaar geleden begon met triatlon
kreeg ik steeds de (logische) vraag “En
wanneer ga je een volledige doen?” Meestal antwoordde ik toen dat ik heel blij
zou zijn als ik ooit een halve zou uitdoen. Maar kijk de (triatlon)microbe had
me te pakken en zoals dat gaat met microben, laten ze je niet snel los. Vorig
jaar nam ik deel aan de halve triatlons in Gravelines en Gérardmer en ik merkte
dat de lange afstanden mij beter afgingen dan het kortere (sprint)werk. Daar
zal de leeftijd wellicht iets mee te maken hebben, vermoed ik.
Enfin, begin
oktober polste ik voorzichtig bij mijn coach Luc De Ro of de volledige afstand
binnen mijn mogelijkheden lag. Zijn antwoord was positief, maar hij waarschuwde
me ook voor de pittige trainingsarbeid die aan zo’n volledige triatlon
voorafgaat. Ik herinner me nog dat hij bij de planning van het seizoen de
volgende profetische woorden uitsprak: “Jan, zet vanaf mei al je sociale
verplichtingen maar op een laag pitje, want hier ga je nog weinig tijd voor
hebben.” Daarom was het voor mij ook belangrijk om weten of Ilse en de kinderen
het zagen zitten om mee in dit avontuur te stappen, want ons gezinsleven zou de
komende tien maanden volledig in het teken van mijn sport staan. Gelukkig kreeg
ik van hen een ‘go’ en startte ik half oktober met de voorbereiding op de
Ironman van Maastricht.
Ik koos voor mijn eerste volledige triatlon bewust voor
een wedstrijd dicht bij huis, om alle mogelijke logistieke beslommeringen te
vermijden. Deze zouden me immers te veel stress bezorgen. Bovendien telde het
fietsparcours 1200 hoogtemeters en ik had in Gérardmer ontdekt dat ik wel een
fan ben van het nodige klimwerk. Ten slotte nam ik vier jaar geleden deel aan
de marathon Van Etten-Leur en was ik onder de indruk van de ‘Hollandse sfeer’
naast het parcours. Ik vermoedde dat dit in Maastricht niet anders zou zijn en
had het inderdaad bij het rechte eind, maar hierover later meer.
De
voorbereiding verliep nagenoeg perfect met gemiddeld acht trainingen per week,
al was het niet altijd evident om alle trainingen te combineren met mijn schoolwerk
en de gezinsactiviteiten. Gelukkig is het zwembad van Kapellen al om 6.30 uur
open, zodat ik geregeld een zwemtraining kon afwerken voor ik naar school
vertrok. In de wintermaanden was ook een loop- of rollentraining om 10 uur ’s
avonds niet abnormaal. En dat allemaal met dat ene doel voor ogen. De laatste
week van juni en de eerste twee weken van juli stonden volledig in het teken
van de langeduurtrainingen en werd de trainingsintensiteit opgevoerd van 10 à
15 uur naar 20 à 25 uur per week. De eerste twee weken vond ik nog plezant,
maar dan begon de vermoeidheid te spelen en kreeg ik het ook mentaal wat
moeilijker. Bovendien dreigde een
valpartij tijdens de verkenning van het parcours van Maastricht op 14x juli roet
in het eten te strooien, maar gelukkig kwam ik er vanaf met wat kneuzingen en
snijwonden. Oef!
Door de zware trainingsarbeid stond mijn weerstand ook op een
laag pitje en na een bezoek aan de Hollandse kust op een winderige dag had ik
prijs: luchtwegeninfectie. Normaal gezien ben ik zelden ziek en als ik al ziek
ben, is dit meestal een tweetal dagen. Nu duurde het ‘uitzieken’ bijna een
week, mede omdat de dokter bepaalde medicatie niet kon voorschrijven, aangezien
deze producten op de dopinglijst staan. Gelukkig zat ik volop in mijn taperingsperiode
en was het aantal trainingen beperkt. Toch bleef ik me tot een week voor de
wedstrijd slap en futloos voelen en begonnen de twijfels te knagen. Was het het
warme weer, de stress, de zware trainingen of een combinatie van dit alles en
zou ik voldoende hersteld zijn tegen de dag van de wedstrijd? Even mijn oor te
luisteren gelegd bij mijn coach, mijn osteopaat
en bij Vanessa, Luk en Koen, drie ervaren triatleten, en zij stelden me
allemaal gerust. De zware trainingsarbeid zou zijn vruchten afwerpen en ik zou
er staan in Maastricht.
Maastricht
Vrijdag 3 augustus reed ik alvast een eerste
keer richting Maastricht om me te registreren en de pre-race briefing bij te
wonen. De pastaparty was daarnaast een leuke bijkomstigheid. Het
oorspronkelijke idee was om pas zaterdag met heel het gezin naar Nederland af
te zakken, maar voor de ‘mentale rust’ leek het me beter om een dag eerder te
gaan. Zo kon ik thuis rustig mijn fiets- en looptassen maken. Bovendien had ik
schrik dat het zaterdag heel druk zou zijn aan de registratie, waardoor ik me
misschien zou moeten haasten voor de bike check-in en ik zaken over het hoofd
zou zien. Nu had ik voor alles veel meer tijd.
Zaterdagochtend met vrouw en
kinderen de auto in, inchecken in ons hotel, de tassen nog eens dubbel en
driedubbel (of was het vierdubbel?) checken en dan naar de bike check-in, waar
het nog bijzonder rustig was. Na een halfuurtje was ik uit de wisselzone en
verkenden we de nabije omgeving en de plaats van de zwemstart, zodat Ilse zich
alvast een beetje kon oriënteren. Eens in het hotel nog rustig iets gegeten en
tegen 10 uur lag ik in mijn bedje met een boek om te ontspannen. Ik wist op
voorhand dat het niet evident zou zijn om te slapen en mijn vermoedens klopten.
Wat ik ook probeerde, ik kreeg de wedstrijd niet uit mijn hoofd en viel pas in
slaap tegen 2 uur. Twee uur later ging de wekker af en met slaperige oogjes
speelde ik 120 gr pasta, vier sneetjes wit brood met perensiroop, een half
rijsttaartje en een potje magere yoghurt
naar binnen. Luc en Luk, bedankt voor het ontbijtadvies. Ik heb al vaak gelezen
in verslagen van clubgenoten dat ze de ochtend van de wedstrijd geen hap door
hun keel krijgen, maar hier had ik duidelijk geen last van. Integendeel, ik had,
ten onrechte, schrik dat ik misschien iets te veel gegeten had.
Dan de auto in
en samen met Ilse naar de wisselzone. Onderweg en gehuld in de ochtendschemer kwamen we logischerwijs heel wat andere
atleten tegen, meestal vergezeld door hun ‘eega’ die vaak (eerlijk is eerlijk)
de rugzak of de pomp droeg. De avond tevoren had ik beslist om toch maar een
kwartiertje vroeger naar de wisselzone te vertrekken en dat bleek een
verstandige beslissing. De zakken nog eens checken en aanvullen met
drinkbussen, banden oppompen, helm en startnummer klaarleggen, fietszakje
vullen, materiaalbus en pompje aan fiets bevestigen, … Er kroop verdorie veel
meer tijd in dan gedacht en dan zag ik ook die rij aan de dixies alsmaar langer
worden. Ondertussen was er dan ook een lepe Duitser met mijn pomp gaan lopen en
kon ik die gaan zoeken om mijn eigen banden op te pompen. Om 6 uur stipt kwam bovendien
het min of meer verwachte nieuws dat door het warme weer van de afgelopen weken
(maanden?) de watertemperatuur van de Maas was opgelopen tot 26° en dat het dus
een non-wetsuitwedstrijd was. De angst en vertwijfeling sloeg toe in de
wisselzone en ik hoorde hier en daar zelfs een vloek. Ondanks het feit dat ik
mij er mentaal al een beetje op voorbereid had, steeg ook mijn hartslag plots
met een paar tellen. Aangezien ik een minder goede zwemmer ben, haal ik
bijzonder veel voordeel uit een wetsuit. Ik weeg niet zo veel en heb dan een
beter drijfvermogen, waardoor ik minder energie verbruik en toch sneller
vooruitga. Het zwemmen zou dus al pittig worden en ik had vooral schrik voor
krampen, aangezien ik dit in het verleden al had voorgehad tijdens twee
non-wetsuitwedstrijden in Viersel en Lommel. Maar goed, het had weinig zin om
me hier lang druk over te maken, eerst nog op tijd in één van die dixies zien
te geraken.
Dat lukte en bij het buitenkomen van de wisselzone stonden niet
alleen Ilse, maar ook Vanessa en Sanne mij op te wachten. Ja, je leest het
goed. Aangezien mijn coach van een welverdiende vakantie in Frankrijk genoot,
had Vanessa voorgesteld om tegen de zwemstart naar Maastricht te komen, zodat
ze mij (mentaal) kon helpen en de laatste tips and tricks kon meegeven. De
start van een triatlonwedstrijd is sowieso vrij chaotisch, maar een Ironman is
toch nog iets anders heb ik gemerkt. Zo duurde het even voor ik bij de
zwemstart de plaats had gevonden waar ze de ‘special needs’ tassen uitdeelden
en dat leidde tot een tweede stressmomentje die ochtend. Ik had die zak immers
absoluut nodig, want mijn drinkbussen met eigen sportdrank moesten hierin,
zodat ik deze halverwege de wedstrijd kon wisselen. De sportdrank van de
organisatie had ik immers getest tijdens mijn trainingen en die was mij niet zo
goed bekomen. Dankzij de hulp van Vanes de zak gevonden en gevuld. Oef!
Het
zwemmen was met een ‘rolling start’, waarbij elke 5 seconden ongeveer 8 atleten
mochten vertrekken. Op aanraden van Luc en Vanessa startte ik in het vak met
als richttijd 1u10. Dat was een ambitieuze tijd, maar als ik in het vak van
1u20 zou startten bestond het risico dat ik veel atleten moest inhalen en bij
gevolg veel energie zou verbruiken. Een tactische keuze dus. Om 7u25 was het
zover. De laatste peptalk van Vanes,
zwaaien naar vrouw, kinderen en supporters op de kade en dan (met een
bang hartje) en samen met 1200 andere atleten het water in voor wat het begin
zou worden van een lang, maar onvergetelijk avontuur. Aangezien het een
‘rolling start’ was, zat ik meteen goed in mijn ritme. Ik lette voortdurend op
mijn techniek en probeerde zo rustig en relaxed mogelijk te zwemmen, zodat ik
geen krampen kreeg. We moesten eerst ongeveer 1,5km zwemmen, dan een boei
ronden en vervolgens 2,4km terugzwemmen. De heenweg was stroomopwaarts en de
terugweg stroomafwaarts, maar ik merkte het verschil eerlijk gezegd niet. Het
was in beide richtingen zwaar en ik merkte dat ik in het tweede deel door
verschillende zwemmers werd voorbij gezwommen. Een toptijd zat er niet in, dat
was duidelijk. Het goede nieuws was wel dat de krampen uitbleven en na 1u24min
kwam ik als 569ste uit het water. Gelukkig stonden er vrijwilligers
om ons op het trapje te helpen, anders had ik nu nog in de Maas gelegen, denk
ik.
Rustig naar de wisselzone gelopen en ruim de tijd genomen om mij klaar te
maken voor het fietsen. Zo was ik vergeten om mijn Powerbars in twee te knippen
en heb ik dit ook nog even gedaan met het schaartje dat in mijn fietszak zat.
Soms hangt het van details af, niet? Na 500 meter fietsen hoor ik Vanes roepen
dat ik mijn vizier nog juist op mijn helm moest zetten. Ik probeerde dit eerst
al rijdend te doen, maar dat was geen succes. Daarom even aan de kant, rustig
het vizier bevestigen en terug weg. De eerste 5K rilde en klappertandde ik van
de kou, maar toen kwam het zonnetje er even door en warmde ik snel op. Meteen
de juiste hartslagzone gezocht en dan begonnen aan mijn twee fietsrondes over
de iconische Bemelerberg en de steile Hallembaye, goed voor in totaal 178K en
1200 hoogtemeters.
Ik had samen met Luc een voedings- en drankplan opgesteld
(en getest tijdens training) en had dit voor alle veiligheid op de buis van
mijn fiets gekleefd. Ik ben een leerkracht Nederlands en gruwel van cijfertjes,
dus onderweg zelf zitten rekenen, is niets voor mij. Om de 10min moest ik ofwel
iets eten (gel, reep), ofwel iets drinken (sportdrank, water), op voorwaarde
dat mijn maag niet protesteerde natuurlijk. Uiteindelijk heb ik het volledige
plan perfect kunnen volgen. Daarnaast hadden Luc en ikzelf het parcours vooraf
verkend en hij had me aangeraden om de klimmetjes rustig aan te pakken, anders
bestond het risico dat ik me volledig ‘dood’ zou rijden. Tijdens de afdalingen
moest ik proberen de hartslag te laten dalen om zodoende te herstellen. De
eerste ronde werd ik langs alle kanten voorbijgereden, maar ik bleef gedisciplineerd
in mijn juiste hartslagzones rijden en dat bleek de beste tactiek te zijn. De
tweede ronde zat ik nog fris en kon ik een klein beetje versnellen op de vlakke
stukken. Naar het einde toe kwam ik atleten (of waren het stervende zwanen?)
tegen die mij de eerste ronde waren voorbij geknald.
Na 5u45min reed ik als 413de
met een goed gevoel de wisselzone binnen. De tweede wissel ging vlot en ik was
klaar voor de afsluitende marathon. Na het verlaten van de wisselzone liep
Vanes een honderdtal meter mee om nog het laatste advies mee te geven.
Ondertussen was de zon immers al een paar uur aan het schijnen en was de
temperatuur opgelopen tot 29°. Goed eten en drinken en geregeld afkoelen met water
was de boodschap. De eerste kilometer liep ik 12km/h, maar ik merkte dat ik dan
qua hartslag iets te hoog zat en wilde met het warme niet het risico lopen om
de man met de hamer tegen te komen. Ik besliste dus om de hartslag te laten
zakken tot in de langeduurzone en hoopte dat tempo zo lang mogelijk aan te houden.
Ondertussen genoot ik van de ongelofelijk sfeer in en rond de binnenstad en
waande ik me geregeld op één of ander Hollands schlagerfestival. Naarmate de
rondes vorderden, vloeide de alcohol rijkelijker (bij de supporters
welteverstaan) en ging de sfeer in crescendo. Bij elke bevoorrading stopte ik
even om een gelletje in te nemen, goed te drinken en mezelf te verfrissen met
de aangereikte sponzen. Opnieuw kon ik het vooropgestelde voedingsplan perfect
uitvoeren en bleef ik goed gehydrateerd. De 10 plaspauzes moest ik er dan wel
bijnemen.
In de vierde en laatste ronde voelde ik de benen langzaamaan
leeglopen en vanaf 36K was het echt aftellen. Op zaterdag had ik nog 5K
losgelopen en ik hield mezelf voor dat dit ongeveer de afstand was die ik nu
moest afleggen, maar terwijl dit op zaterdag nog ‘peanuts’ was, leek dit nu een
ellenlange afstand en ik heb minstens 20 keer op mijn horloge gekeken om te
zien hoe ver het nog was. Maar ik was niet de enige die afzag en kwam meer
wandelaars dan lopers tegen onder de atleten. De hitte eiste duidelijk zijn
tol. Eenmaal terug in de binnenstad maakte de pijn plaats voor euforie en
aangemoedigd door honderden supporters liep ik richting grote markt. De emoties
kregen de overhand en ik dacht aan alle opofferingen die aan dit avontuur waren
voorafgegaan, niet alleen van mezelf, maar van het hele gezin.
Bij het ingaan van
de laatste ronde had Vanes me nog toegeroepen om vooral te genieten van het
momentum en ik was vastberaden om dat te doen. Ik draaide op de grote markt af richting
‘finish’, stopte even bij Ilse voor een innige omhelzing en liep dan met de
vuisten gebald en een smile tot achter mijn oren over de rode mat richting
aankomst, aangemoedigd en toegeschreeuwd door mijn supporters die ondertussen
een plekje hadden gevonden op het drukke marktplein. Met een oerkreet
overschreed ik na 11u05 min. en als 311ste op 1112 deelnemers de finish en
weerklonken de mythische woorden ‘Jan de Jong, you are an Ironman’. Wat een
kippenvelmoment! Met tranen in de ogen besefte ik dat ik iets gerealiseerd had
dat ik een paar jaar geleden voor onmogelijk had geacht. ‘Anything is possible’ dus.
Dankjewel
‘Name dropping’ in een dankwoordje is altijd
gevaarlijk, want dan bestaat het risico dat je mensen vergeet. Daarom
verontschuldig ik me nu alvast mocht ik iemand vergeten. Laat me beginnen met mijn
clubgenoten van BrTC voor de vele fiets- en zwemtrainingen die we samen hebben
gedaan in de aanloop naar deze wedstrijd. Bedankt dat ik in jullie voeten mocht
zwemmen, zeker tijdens de trainingen van 1u30 op woensdagavond en dat ik op
zondagochtend in jullie wiel mocht rijden, als het wind tegen was, zodat ik mijn
hartslag onder controle kon houden 😉. Een dikke merci ook voor alle BrTC-trainers en de organisatoren van
de paasstage, want dankzij de clubtrainingen heb ik een goede basisconditie
opgebouwd die op het einde zijn vruchten heeft afgeworpen.
Een speciaal
dankwoordje voor mijn persoonlijke coach, Luc De Ro, voor het opstellen van
mijn trainingsschema’s, het uitwerken van het wedstrijd- en voedingsplan, het
gezelschap tijdens de lange fietstrainingen en de bemoedigende woorden als ik
even een dipje had. Thanks, coach! Osteopaat Robin Thys (To Move You) en
sportmasseur Koen Van Den Mieroop (Sportbalans) namen rug, bekken en spieren
onder handen en zorgden ervoor dat mijn lichaam klaar was voor de strijd. De
dag voor de wedstrijd maakten de vele aanmoedigen via alle mogelijke kanalen
mij duidelijk hoeveel mensen meeleefden en ik besef nu dat ik nog niet op alle
berichtjes heb gereageerd. Daarom via deze weg een dikke merci aan iedereen
voor de vele wensen. De dag zelf werden Tim De Haes (de schoonbroer van mijn
broer) en ikzelf voortgestuwd door onze ouders, broers, zussen, neven en
nichten. Zij stonden zowel bij het fietsen als het lopen verspreid over het
parcours en telkens ik er passeerde kreeg ik een extra boost. Sienna en Minthe,
bedankt voor het leuke spandoek! BrTC’ers Kris, Hans en Kevin hadden er dan
weer een fietstochtje naar Maastricht (en een stel verbrande benen) voor over
om te komen supporteren en ook Jethro was naar de historische stad afgezakt.
Merci hé, gasten!
Dé verrassing van de dag was wel toen ik plots één van mijn
beste kameraden (en ook een triatleet), op de steilste helling van de dag (Côte
de Hallembaye) zag staan. Hij was helemaal alleen naar Limburg afgezakt en ik
zou hem die dag, zowel tijdens het fietsen als het lopen, nog vaak tegenkomen,
meestal op de meest onverwachte momenten en altijd even enthousiast. Kristof,
je bent een topper en als je ooit deelneemt aan de Ironman van Zuid-Afrika kom
ik supporteren 😉. In dit verslag kon je al
lezen hoe ik de ganse dag kon rekenen op Vanessa. Zij was voor mij van
goudwaarde en zorgde voor een ongelofelijke mentale rust. Zo had ik in de derde
ronde een lichte kramp in de rechterkuit en wist ik niet goed wat ik moest doen
(extra water? zout? sportdrank? stretchen? tempo laten zakken?, …). Bij het
passeren even informeren bij haar en het probleem was opgelost. Extra zout dus.
De laatste personen die ik wil bedanken zijn voor mij de allerbelangrijkste en
dat zijn mijn vrouw en kinderen. Toen we 10 maanden geleden samen aan dit
avontuur begonnen, konden zij niet inschatten wat de impact zou zijn op ons
gezinsleven. We hadden er plots een vierde kindje bij, nl. Ironman, een kindje
dat ongelofelijk veel tijd en aandacht vroeg van iedereen en ervoor zorgde dat
er nauwelijks tijd overbleef voor leuke uitstapjes. Ook de vakanties stonden
volledig in het teken van Ironman. Bij het opmaken van de weekplanning op
zondagavond was de eerste vraag steeds: “Wanneer moet jij precies trainen?” en
werden de andere activiteiten hierop afgestemd. Ilse nam bovendien alle
huishoudelijke taken op zich en was ‘de taxi van dienst’ voor de kinderen. En
dan zwijg ik nog over de vele momenten waarop ze in de rol kroop van ‘mental
coach’ als ik in een dipje zat. Ik mag op sportief vlak dan wel een ‘Ironman’
zijn, Ilse is op zoveel andere vlakken een ‘Ironwoman’. Liefste Eline, Laure,
Lise en Ilse, zonder jullie steun was het mij nooit gelukt deze droom te
realiseren. Bedankt en ik zie jullie ontzettend graag!
zaterdag 14 juli 2018
Gastverslag: Hans' IM 70.3 Jönköping
Naar jaarlijkse traditie maken we weer met veel plezier wat ruimte voor een smakelijk verslagje van Hans zijn triatlonescapades. Ondertussen blijven we massaal fondsen inzamelen voor zijn eigen blog ;-) We vermoeden dat deze tegen Klagenfurt 2020 wel een feit zal zijn!
40 seconden. 0,2% van onze totale racetijd. Dat was het verschil tussen mijn ‘klein’ broertje en mezelf in de halve Ironman van Jönköping van zondag. Ik neem u graag mee in mijn kant van het verhaal, naar de juiste kant van de 40 seconden.
Na mijn desastreuze wedstrijd vorig jaar in Zell-am-See waar ik 21km met maagkrampen afgelegd heb, besloot ik met coach Vanessa om dit jaar 2 hoofddoelen op de kalender te zetten, zodat niet alle eieren in hetzelfde mandje moesten gelegd worden. Zodoende stond op 8 juli de halve Ironman van Jönköping, Zweden op het programma. Na een goede voorbereiding zonder kwaaltjes en met volledig omgegooide én uitgeteste voedingsstrategie was het zondagmorgen eindelijk race-time. Hoewel ik Kristian nog nooit zo gestresseerd had gezien, stond ik zelf super relaxed aan de start, met als doel om vooral van de wedstrijd te genieten en met een goed gevoel de 3 onderdelen af te werken. Op advies van Vanessa ging ik redelijk ambitieus rond de 31 minuten staan, er vooral van uitgaande dat de anderen zich ook wel gingen overschatten… Dat bleek geen slecht idee, want na 50m zwemmen had ik al 4 van mijn voorgangers bijgehaald… Hoewel de eerste 850 meter stroming mee waren, was het met momenten toch afzien, vooral door een aantal kleinere conflictjes met andere zwemmers. Na de 2de boei kwam ik wat meer geïsoleerd te zitten en kon ik mooi naast de boeien de kortste weg terug naar de kant kiezen. Al was het nu natuurlijk wel stroming tegen, wat het er ook niet makkelijker op maakte. Enfin, na 33’40 klom ik terug op de kant met een goed gevoel en kon de run (500m!!) naar de wisselzone beginnen.
Een vlotte wissel later zat ik op de fiets voor 90 golvende kilometers. Van de verkenning wisten we dat het zwaartepunt in de eerste 45km lag met na 8km een stevige klim. Daar zou ik sowieso tijd verliezen op Kristian. Ik was dus stiekem toch een klein beetje tevreden dat de (steile) klim die we tijdens de verkenning gedaan hadden toch niet op het parcours lag, maar dat we in de plek daarvan een veel lichter lopende klim voor de wielen kregen. Na de klim bleef het leuk op en neer gaan en ik merkte in de klimmetjes dat de benen zeker OK waren. Er kwamen mij wel meer fietsers voorbij dan dat ik er inhaalde, maar als ik dat wil vermijden, dan moet ik in het vervolg een minuut of 10 minder snel zwemmen en dat is dan ook maar wat taffelen. Na 45km kwam ik door op een schema om 2u50 te halen. Wetende dat ik gemikt had op 2u45 en dat het makkelijkere deel van het parcours nog moest komen, zat dat dus wel goed. Na een vlak stuk van een km of 15 waar ik het wat moeilijker had begon het weer wat meer te golven (maar dan met meer afdalingen dan klimmetjes) en kwam ik er terug door om uiteindelijk op 2u43 af te klokken. Fietsmissie geslaagd!
Na een achteraf gezien bliksemsnelle 2de wissel (inclusief sanitaire stop) kon ik beginnen aan de afsluitende halve marathon. Ik kon direct een mooi tempo vinden zonder te hoog te gaan in hartslag, maar al na 1,5km kwamen die vermaledijde krampen weer opzetten. Deze keer iets lager en gelukkig minder verlammend dan in Zell-am-See. Ik probeerde het hoogst mogelijke tempo te lopen en kwam er na 1,5 ronde steeds meer door. Cola zou de definitieve oplossing betekenen dacht ik. Dat sloeg echter tegen. De cola had geen prik meer, waardoor de krampen net erger werden… Ook het tempo wilde niet meer mee… Met nog 5km te gaan liet Vanessa me weten dat Kristian 400m voor me liep en er toch wel doorzat. Ik kon nog een klein tandje bijsteken, maar had zelf ook niet veel overschot meer. Een duo-finish flitste even door m'n hoofd, maar toen ik hem aan het heen-en-terug punt niet tegenkwam, wist ik dat dat net teveel gevraagd was.
Toch behoorlijk uitgeput kwam ik aan de finish in een tijd van 5u24. 3 minuten sneller dan 2 jaar geleden in Vichy. Tevreden over het zwemmen, zeer tevreden over het fietsen. En het lopen, tja… Dat is ons Vander Mastjes toch niet met de paplepel ingegoten (for the record: ook bij Wouter is dit héél lang een heikel punt geweest 😊). Kristian stond mij ondertussen al op te wachten aan de finish met een medaille rond zijn nek. Door het tijdsverschil van de rolling start wisten we echter niet wie nu uiteindelijk de ‘brother-battle’ had gewonnen, al zijn we daar alletwee tijdens de wedstrijd zelf niet echt mee bezig geweest. Dat is aan de verhalen te horen voor de app-volgers spannender geweest dan voor ons. ’t Was uiteindelijk mijn vrouw Els die aan de telefoon liet weten dat ik hem met 40 seconden geklopt had. Was het een niet-rolling start wedstrijd geweest, dan hadden we samen over de finish gekomen. Want hem 1km voor de meet voorbij lopen en ter plaatse laten… Nee, dat krijg ik dan, alle trash-talk ten spijt, ook weer niet over mijn hart.
Na bijna een week lijkt het lichaam weer zo goed als volledig hersteld, dus nu is het ‘all eyes on Almere’. Het oorspronkelijke ‘Sub 5u’-plan heb ik ondertussen in de ijskast opgeborgen. Daarvoor is m’n lopen nog veel te weinig op niveau. Eerst maar weer eens zoeken wat we nog kunnen doen om die krampen onder controle te krijgen, zodat ik tenminste kan lopen voor wat ik waard ben. En dan zien we wel waar we ergens uitkomen.
Zoals het hoort zijn ook in dit verslag een aantal dankjewels op z’n plaats. In de eerste plaats aan mijn vrouw en kindjes. Hoewel ze er op de dag zelf niet konden bijzijn, is hun support doorheen het jaar eindeloos veel belangrijker dan op de dag zelf… Coach Vanes voor haar uitdagende en prestatiebevorderende schema’s, de goeie raad en de support de dagen voor en de dag van de wedstrijd. Mama en Lise voor de Heja-Heja’s langs het parcours en last, maar zeker niet least, ‘Onze Kleine’ voor de fijne dagen voor de wedstrijd, voor de tactiekbesprekingen, voor de trash-talk voor de wedstrijd (die krijgt ie nu ongeveer elke 40 seconden dubbel en dik terug 😊) en voor het geweldige gevoel van zo’n wedstrijd samen te kunnen doen!
donderdag 31 mei 2018
5e IRONMAN Lanzarote, met dank aan de kippensoep ...
Ik was midden mei richting Lanzarote getrokken met 2 objectieven: een vijfde keer finishen waardoor ik een speciale medaille zou ontvangen, én in de buurt komen van mijn beste tijd tot hiertoe, 12u13 in 2016. Tijden vergelijken is echter altijd moeilijk, en zeker nu dit jaar het fietsparcours toch wel ingrijpend veranderd was met een zware klim in het begin.
Naast het fietsparcours was ook de locatie van de wisselzone volledig veranderd, waardoor we met onze 7 clubleden reeds een uur voor de start klaar waren met de voorbereidingen. Dankzij onze AWA punten van vorig jaar, konden Vanessa en ik vooraan de massa van 2000 deelnemers starten. Mijn eerste doel hield in om me zo rustig mogelijk te laten meedrijven tijdens de zwemproef in de zee, zonder al te veel akkefietjes in het atletengewoel. Door mijn ervaring verliep dit beter dan gehoopt. Ik kwam dan ook na de gebruikelijke 1u12 uit het water, zonder energie te verspelen, met een prima gevoel. De wissel verliep even traag als anders, zonder stommiteiten. Dat zag er allemaal goed uit voor de rest van de dag...
Op de fiets was het even wennen aan het vernieuwde parcours. Zeker niks forceren op de zware klim in het begin, en vervolgens rustig verder bollen naar het vertrouwde El Golfo. In de afdaling van Timanfaya haalde ik Vanessa in, die me vertelde dat Ivan vlak voor mij uit het water was gekomen, en Mirco nog achter ons kwam. Omdat ik door de warmte al heel wat van mijn Hiddit sportdrank had verbruikt, nam ik in Mancha Blanca een drinkbus van de organisatie aan. Dat goedje zag er niet echt smakelijk uit en proefde navenant. Of het de oorzaak was van mijn komende problemen, zullen we nooit 100% zeker weten, maar het stond wel vast dat ik kort nadien ferme maagpijn kreeg. Ik moest vaart minderen vanaf km 75 en kon geen vast voedsel meer binnen krijgen. Mirco en Vanessa kwam bij mij aan de persoonlijke bevoorrading van Mirador de Haria na 105km. Ik ben daar even gestopt om mijn persoonlijke drinkbussen op te halen en even te bekomen. Nadien kwam ik terug beter in mijn ritme, al voelde ik wel dat ik nog onvoldoende en energie had voor de rest van de race. Samen met Mirco kwam ik nog voorbij km 150. Nadien bleef ik nog in Mirco's en Vanessa's buurt maar ik bolde leeg de wisselzone binnen na 6u40 fietsen. Gezien de omstandigheden was dit nog geen dramatische fietstijd maar ik had toch een 10/15-tal minuten sneller moeten kunnen rijden.
In de wisselzone had ik gelukkig een busje ORS gezet dat me er weer tijdelijk bovenop hielp. De eerste 6-7km liepen dan ook nog redelijk vlot. Daarna voelde ik mijn energie echter volledig uit mijn lichaam verdwijnen. Gelletjes opnemen ging niet, en de rest van de eerste ronde van 21km heb ik gefrustreerd moeten stappen. Na de eerste ronde kreeg ik een vers flesje cola van Kathleen en een bekertje warme kippensoep van een vaste bevoorradingspost aan één van de hotels. Het gaf me extra energie en de 2e ronde (van 10km) ging plots heel vlot aan 11-12km/u. Ik had al veel tijd verloren maar de benen waren nog in perfecte toestand. Vanaf km 32 ging het licht echter opnieuw uit. Opnieuw kippensoep en enkele bananen verhoogden steeds mijn energieniveau maar ik durfde niet harder te lopen, om een klop van de hamer te vermijden. De laatste 2-3km wist ik dat er nog genoeg in de tank zat, en heb ik dan het looptempo opnieuw verhoogd. Met frisse benen maar compleet leeg qua voedsel finishte ik na 13u44, meer dan anderhalf uur achter de clubcollega's.
Het gevoel na de wedstrijd (en de dagen nadien) valt moeilijk te beschrijven. Ik was allereerst gekomen voor nummer 5 en die zuur verdiende speciale medaille. Dat gaf me dus een grote vorm van voldoening na een parcours van meer dan 5 jaar. Maar de wedstrijd zelf was uiteindelijk een complete teleurstelling geworden, zeker als ik mijn benen achteraf nog voelde. Ik had alles in me om dit jaar de 12u aan te vallen. Mijn ervaring en helder hoofd hebben me recht gehouden terwijl mijn benen harder wilden gaan maar mijn maag compleet blokkeerde. Meer kan ik er echt niet over zeggen ...
Het was wel superfijn om met zoveel BrTC atleten en supporters naar Lanzarote te gaan dit jaar. We hebben er samen een supervakantie van gemaakt waar iedereen nog jaren aan gaat terug denken. En iedereen zal ook nog minstens even lang over die fantastische Ironman spreken, alleen bij mij zal er toch steeds een wrang gevoel bij blijven. Gelukkig heb ik niet opgegeven en het grotere doel blijven bewaken.
Nog één leuke anekdote: omstreeks het 160km punt in Masdache, staat een verkeerslicht dat op rood springt, wanneer een auto er te snel rijdt. Tijdens de wedstrijd is het fietsparcours echter verkeersvrij. Een Engelse atleet en ikzelf kwamen er blijkbaar vrij snel aangefietst en het verkeerslicht sprong op rood. De brave man voor mij panikeerde volledig, remde en besloot rustig te wachten tot het groen werd ;-)
Nog één leuke anekdote: omstreeks het 160km punt in Masdache, staat een verkeerslicht dat op rood springt, wanneer een auto er te snel rijdt. Tijdens de wedstrijd is het fietsparcours echter verkeersvrij. Een Engelse atleet en ikzelf kwamen er blijkbaar vrij snel aangefietst en het verkeerslicht sprong op rood. De brave man voor mij panikeerde volledig, remde en besloot rustig te wachten tot het groen werd ;-)
dinsdag 24 april 2018
Marathon Antwerpen - Alles onder controle
Het is weer even geleden dat ik nog een post heb geplaatst. Niet dat ik niks gedaan heb, maar ik vond niet meer de tijd en inspiratie om een gepast stukje proza digitaal neer te pennen. De wintermaanden zijn snel voorbij gegaan dit jaar door allerlei persoonlijke en sportieve bezigheden. Ik deed in oktober met Hans de Amphiman nog mee en ben nadien de ganse winterperiode vrij structureel bezig gebleven. Enkel eind februari kreeg de griep me te pakken, gevolgd door een oorontsteking, waardoor ik toch 3 weken amper actief ben geweest. Momenteel heb ik nog altijd wat problemen door vocht in mijn rechteroor maar de hinder is beperkt. Eind maart reed ik met schoonbroer Thierry nog 140km van de Ronde van Vlaanderen, waar ik voelde dat de fietsbenen en basisconditie alvast heel goed zitten.
Qua lopen heb ik elk jaar nood aan een soort van bevestiging een maand voor de Ironman van Lanzarote, die dit jaar voor de 5e maal op het programma staat. De gebruikelijke Wings for Life Run is veranderd van concept en ik besloot dan maar de marathon van Antwerpen mee te doen als duurtraining. In feite kwam dit perfect uit want collega Kris had zich de voorbije winter voorbereid om er zijn eerste marathon te lopen, met een richttijd van 4 uur.
Zo gezegd zo gedaan. Om 9u klonk afgelopen zondag het startschot op Linkeroever en ik kon beginnen aan mijn (nog maar) 3 individuele marathon. Collega Sven was de vrijwilliger van dienst om op de fiets het parcours te volgen en regelmatig wat extra bevoorrading aan te bieden. We waren net voor de pacers van 3u59 vertrokken en ik bepaalde een degelijk tempo in warme maar bewolkte omstandigheden. Over de eerste 21km valt eigenlijk weinig te vertellen. Met een babbeltje, lach en een zwans vloog de tijd voorbij en we passeerden halfweg na 1u58, perfect op schema. Ik voelde me persoonlijk ook nog super, niet echt vermoeid en de benen in prima conditie.
Richting 30km kwam de zon erdoor en begon het akelig warm en benauwd te worden. We hielden toen ons hart al vast voor de deelnemers aan de 10 Miles later op de middag. We bleven netjes de pacers voor, en hadden burgemeester de Wever al lang achtergelaten, toen Kris aangaf toch wat te moeten minderen door een aanhoudende hoge hartslag. We spraken af het tempo aan te houden tot km 30 zodat ik nadien kon doorlopen om onder de 4 uur te finishen. Kris besefte dat hij door zijn beste krachten zat en zou gaan flirten met de 4u grens tot aan de finish.
Exact aan het 30km punt, ben ik dan nog een beetje versneld naar een comfortabel tempo, waarmee ik voldoende reserve nam voor de 4 uur grens. In het Rivierenhof kruiste ik Kris nog die heel goed stand hield. Ik nam een cola'ke aan van supporter Hans en ging vlot verder richting Singel. Ik begon mijn beentjes wel te voelen maar was zonder problemen voorbij de kritische zone 32-35km geraakt.
De hitte sloeg echter toe op alle deelnemers bij het uitkomen van het Rivierenhof, aan de Stenen Burg richting Park Spoor Oost. Ik vroeg aan Sven om toch nog een extra drinkbus voor me te vullen inclusief zouttabletten. Tussen km 36 en 39 heb ik mijn tempo even laten zakken wegens een opspelende maag maar de verse drinkbus bracht snel soelaas en in Park Spoor Noord kwam de finish stilaan in zicht.
In tegenstelling tot een groot deel van het parcours, was de passage aan het Eilandje wel van enige toeristische waarde. mijn tempo was terug OK, en ik haalde nog enkele andere atleten in. Ik finishte uiteindelijk in 3u58, en was dus maar 2' trager in de 2e helft van de marathon ten opzichte van de eerste helft. Collega Kris finishte kapot maar voldaan nog geen 4 minuten na mij.
De recuperatie nadien verliep prima wat een opsteker is voor Lanzarote binnen een maand. Ik had dit jaar voor mij al een recordaantal loopjes boven de 20km gedaan, maar ben na mijn ziekte eigenlijk niet meer boven de 20km geweest. Het was dus wel even afwachten hoe het lichaam zou reageren na 30-35km. Alles onder controle dus! Eindelijk ook eens dat spook van de individuele marathon verdreven. Om de één of andere reden woog een marathon individueel veel meer door op mijn mentale kracht dan wanneer ik de marathon nog moet lopen in een Ironman triatlon.
Deze week proberen wat zwemachterstand in te halen en dan nog enkele weken het lopen onderhouden (misschien de intensiteit nog een beetje opvoeren met kortere afstanden) en een paar lange fietstochten plannen.
donderdag 31 augustus 2017
Gastschrijver: Zell am See 2017: soms loopt het niet zoals je wil
Aangezien Hans Vander Mast geen eigen blog onderhoudt, kaapt hij af en toe dit medium voor een gesmaakt verslag van zijn grote wedstrijden. We lezen mee:
Of anders gezegd: soms loop jé niet zoals je wil… Na bijna 2 weken actieve vakantie met het gezin, doorspekt met de nodige verkenningen van fiets- en loopparcours, stond ik afgelopen zondag aan de start van de Ironman 70.3 van Zell Am See-Kaprun.
Aangezien ik in 4 opeenvolgende halve triatlons mijn tijden scherper had kunnen stellen (6u02 in Almere, 5u37 in Terheijden, 5u48 in Eupen (maar op een veel zwaarder parcours) en 5u27 in Vichy) was ook dit jaar het doel om de tijd van Vichy te verbeteren, of alleszins te benaderen gezien het zwaardere fietsparcours.
De voorbereidingen liepen dit jaar eigenlijk perfect. Doordat de verbouwingen achter ons lagen kon ik voldoende tijd vrijmaken om meer zwem-, fiets- en loopkilometers af te malen dan in de jaren daarvoor. Ik had zondagmorgen dan ook het gevoel er helemaal klaar voor te zijn en had een duidelijke raceplanning met realistische maar ambitieuze tussentijden in m’n hoofd.
Na een heerlijk zwemonderdeel in het kristalheldere meer klauterde ik na 32’33 terug op de kant. 30 seconden onder mijn beoogde zwemtijd en eindelijk een zwemtijd waar ik écht tevreden mee was. Vol goede moed en met een extra dosis energie sprong ik op mijn Fuji om de 90km aan te vatten. De eerste 20km gingen in dalende lijn maar het plan was duidelijk: hier geen energie verspillen, de moeilijke kilometers komen er nog aan… Na 22km kregen we namelijk de klim naar Dienten en Filzensattel voor de wielen 3km stevig trappen, dan 8km licht stijgend om te eindigen met 2km aan 14-15%. Het plan om daar rond de overslag te blijven werd al na 200m opgeborgen: het was stoempen om niet om te vallen. Boven even een klein beetje recupereren en dan in de technische afdaling vlotjes een paar atleten voorbij vliegen. Ik ben niet de beste daler, maar er zijn er dus die nog minder snel dalen…
Terug op weg naar Zell voelde ik dat het toch wat minder ging dan ik had gehoopt. Op dat moment nog niets om over te panikeren, maar achteraf gezien was het toch al een eerste klein signaaltje dat er iets niet helemaal in de haak zat. De laatste 10km kwam ik er terug wat door, kon ik terug wat extra gas bijgeven en uiteindelijk kwam ik na 2u52 terug in de wisselzone. 5’ boven mijn beoogde fietstijd, maar geen nood: ik keek uit naar het looponderdeel, daar ging ik effe knallen.
Mijn ‘knallen’ heeft uiteindelijk welgeteld 50m geduurd. Nog geen 10m uit de wisselzone kreeg ik geweldige krampen in mijn bovenbuik. Maag, darmen, middenrif, het leek wel of alles uit alle macht wilde protesteren tegen de 21km die nog ging komen. 6 weken daarvoor had ik tijdens de 1/4de van Kinrooi hetzelfde voor gehad en toen trokken de krampen weg na 2,5km. Ik besloot dus door te lopen tot in Zell-Centrum en daar even te kijken. Helaas bleken deze krampen niet van plan om na een paar kilometer weg te trekken. Na een zeer emotionele stop bij mijn ouders vatte ik terug de zware reis naar de finish aan. De eerste 10km van de halve marathon vocht ik tegen de krampen, maar vooral tegen de teleurstelling. Niet de teleurstelling van het niet halen van de beoogde eindtijd. Maar wel de teleurstelling van niet kunnen presteren naar je mogelijkheden. Elke keer ik iemand bekend tegenkwam (mijn ouders en zus, mijn vrouw Els, broers op het parcours, schoonzus, supergelegenheidssupporter Sara) kreeg ik het emotioneel heel zwaar. 10 keer per km dacht ik eraan om te stoppen. Maar een klein stemmetje in mijn hoofd bleef moed in fluisteren: loop nog even door, misschien trekt het nog weg…
De krampen zijn nooit echt weggetrokken. Maar tegen de tijd dat ze beter werden, voelde ik dat m’n benen helemaal leeg waren. Ik kreeg last van opspelende krampen in kuiten, hamstrings en adductoren en het begon me te dagen dat dit kwam door een gebrek aan voedingsstoffen in mijn lijf. Desondanks was ik tijdens de halve marathon doelbewust blijven drinken, gels blijven nemen en saltsticks blijven nemen. Toen was ik echter al zover gevorderd dat stoppen geen optie meer was. Ik zou niet als enige van de Vander Mast-broers zonder finisher T-shirt of medaille in het vakantiehuisje staan ’s avonds. Voetje voor voetje, supporter voor support, bevoorrading voor bevoorrading ben ik uiteindelijk terug in Zell-centrum geraakt. In de laatste 400m werd duidelijk waarom mijn benen leeg aanvoelden en ik krampen kreeg. Alle sportvoeding en -drank die ik in de 3u ervoor tot mij genomen had, was vrolijk op mijn maag blijven liggen en zocht zich een weg naar buiten. Een vriendelijke supporter die voor mij een dokter wou gaan halen, kreeg het niet zo vriendelijke verzoek om dat niet te doen. Ik ging finishen…
Ik ben er uiteindelijk geraakt, aan die finish. Tot opluchting van mijn twee broers, die ondertussen al 3 kwartier op mij zaten te wachten zonder GSM en er dus het raden naar hadden of ik nog in de wedstrijd zat, of toch opgegeven had. Kristian ving mij direct na de finish mee op. Volgens mij was ik toen al 3 minuten gefinisht. Hij blijft erbij dat hij 20 seconden na mijn finish bij mij was. Misschien was ik toch wat ver weg… Uiteindelijk belandde ik in de Rode Kruistent waar men mij na wat aandringen aan een infuus legde. Misschien was ik dus toch dieper gegaan dan ik zelf kon inschatten.
Nu 3 dagen na de wedstrijd is de teleurstelling van het niet kunnen presteren naar mijn eigen verwachtingen eindelijk wat weggeëbd. Ze heeft plaats gemaakt voor een gevoel van trots dat ik toch maar doorgebeten heb en op karakter de finish gehaald heb. Want zoals Wouter zei (en hij kan het weten): een DNF, dat wil je niet. Daar baal je jaren later nog van. Ik héb mijn witte finisher T-shirt. En de medaille ook. En ik heb dan wel het ‘post-Race-buffet’ niet gezien, door dat infuus ben ik van ons drieën het snelst gerecupereerd 😊.
Waarschijnlijk is deze keer mijn havermout-ontbijt te lang op mijn maag blijven liggen, waardoor al mijn andere voeding slecht opgenomen werd. Het lijkt momenteel de meest waarschijnlijke oorzaak, al heb ik in wedstrijden daarvoor met hetzelfde ontbijt geen problemen gehad. Enfin, weer een les geleerd, weer iets nieuws om in de komende wedstrijden mee te experimenteren… Elke triatlon die je doet, leert je een nieuwe les. Een les die je kan meenemen naar je volgende wedstrijden. En hoe belangrijk je trainingen ook mogen zijn, het zijn voor een groot deel die lessen die je al geleerd hebt, die bepalen hoe je zo’n long-distance triatlon finisht. Ik kan er dus maar sterker van worden, van deze ervaring…
Een verslag is nooit compleet zonder bedankingen… Op de eerste plaats moeten die gaan naar mijn vrouwtje Els en mijn twee kids. Zonder hun steun had ik zelfs niet aan de start gestaan zondag. Ik weet dat ik me tegenover hen niet schuldig moet voelen dat het niet liep zoals ik wou, maar toch heb ik dat in de wedstrijd zelf gedaan.
Coach Kris verdient ook zijn deel van de lof. Hij maakt me met de beperkte tijd die ik heb nu al 4 jaar op rij telkens beter en beter, zonder dat de trainingen ooit saai worden.
En last but not least, een dikke dankjewel aan mama, papa, Lise, Christine, Sara, maar vooral aan Wouter en Kristian. Want als jullie samen met Els, Jorunn & Malin niet langs (of op) het parcours hadden gestaan), dan had ik zondag niet over de finish geraakt…
Aangezien ik in 4 opeenvolgende halve triatlons mijn tijden scherper had kunnen stellen (6u02 in Almere, 5u37 in Terheijden, 5u48 in Eupen (maar op een veel zwaarder parcours) en 5u27 in Vichy) was ook dit jaar het doel om de tijd van Vichy te verbeteren, of alleszins te benaderen gezien het zwaardere fietsparcours.
De voorbereidingen liepen dit jaar eigenlijk perfect. Doordat de verbouwingen achter ons lagen kon ik voldoende tijd vrijmaken om meer zwem-, fiets- en loopkilometers af te malen dan in de jaren daarvoor. Ik had zondagmorgen dan ook het gevoel er helemaal klaar voor te zijn en had een duidelijke raceplanning met realistische maar ambitieuze tussentijden in m’n hoofd.
Na een heerlijk zwemonderdeel in het kristalheldere meer klauterde ik na 32’33 terug op de kant. 30 seconden onder mijn beoogde zwemtijd en eindelijk een zwemtijd waar ik écht tevreden mee was. Vol goede moed en met een extra dosis energie sprong ik op mijn Fuji om de 90km aan te vatten. De eerste 20km gingen in dalende lijn maar het plan was duidelijk: hier geen energie verspillen, de moeilijke kilometers komen er nog aan… Na 22km kregen we namelijk de klim naar Dienten en Filzensattel voor de wielen 3km stevig trappen, dan 8km licht stijgend om te eindigen met 2km aan 14-15%. Het plan om daar rond de overslag te blijven werd al na 200m opgeborgen: het was stoempen om niet om te vallen. Boven even een klein beetje recupereren en dan in de technische afdaling vlotjes een paar atleten voorbij vliegen. Ik ben niet de beste daler, maar er zijn er dus die nog minder snel dalen…
Terug op weg naar Zell voelde ik dat het toch wat minder ging dan ik had gehoopt. Op dat moment nog niets om over te panikeren, maar achteraf gezien was het toch al een eerste klein signaaltje dat er iets niet helemaal in de haak zat. De laatste 10km kwam ik er terug wat door, kon ik terug wat extra gas bijgeven en uiteindelijk kwam ik na 2u52 terug in de wisselzone. 5’ boven mijn beoogde fietstijd, maar geen nood: ik keek uit naar het looponderdeel, daar ging ik effe knallen.
Mijn ‘knallen’ heeft uiteindelijk welgeteld 50m geduurd. Nog geen 10m uit de wisselzone kreeg ik geweldige krampen in mijn bovenbuik. Maag, darmen, middenrif, het leek wel of alles uit alle macht wilde protesteren tegen de 21km die nog ging komen. 6 weken daarvoor had ik tijdens de 1/4de van Kinrooi hetzelfde voor gehad en toen trokken de krampen weg na 2,5km. Ik besloot dus door te lopen tot in Zell-Centrum en daar even te kijken. Helaas bleken deze krampen niet van plan om na een paar kilometer weg te trekken. Na een zeer emotionele stop bij mijn ouders vatte ik terug de zware reis naar de finish aan. De eerste 10km van de halve marathon vocht ik tegen de krampen, maar vooral tegen de teleurstelling. Niet de teleurstelling van het niet halen van de beoogde eindtijd. Maar wel de teleurstelling van niet kunnen presteren naar je mogelijkheden. Elke keer ik iemand bekend tegenkwam (mijn ouders en zus, mijn vrouw Els, broers op het parcours, schoonzus, supergelegenheidssupporter Sara) kreeg ik het emotioneel heel zwaar. 10 keer per km dacht ik eraan om te stoppen. Maar een klein stemmetje in mijn hoofd bleef moed in fluisteren: loop nog even door, misschien trekt het nog weg…
De krampen zijn nooit echt weggetrokken. Maar tegen de tijd dat ze beter werden, voelde ik dat m’n benen helemaal leeg waren. Ik kreeg last van opspelende krampen in kuiten, hamstrings en adductoren en het begon me te dagen dat dit kwam door een gebrek aan voedingsstoffen in mijn lijf. Desondanks was ik tijdens de halve marathon doelbewust blijven drinken, gels blijven nemen en saltsticks blijven nemen. Toen was ik echter al zover gevorderd dat stoppen geen optie meer was. Ik zou niet als enige van de Vander Mast-broers zonder finisher T-shirt of medaille in het vakantiehuisje staan ’s avonds. Voetje voor voetje, supporter voor support, bevoorrading voor bevoorrading ben ik uiteindelijk terug in Zell-centrum geraakt. In de laatste 400m werd duidelijk waarom mijn benen leeg aanvoelden en ik krampen kreeg. Alle sportvoeding en -drank die ik in de 3u ervoor tot mij genomen had, was vrolijk op mijn maag blijven liggen en zocht zich een weg naar buiten. Een vriendelijke supporter die voor mij een dokter wou gaan halen, kreeg het niet zo vriendelijke verzoek om dat niet te doen. Ik ging finishen…
Ik ben er uiteindelijk geraakt, aan die finish. Tot opluchting van mijn twee broers, die ondertussen al 3 kwartier op mij zaten te wachten zonder GSM en er dus het raden naar hadden of ik nog in de wedstrijd zat, of toch opgegeven had. Kristian ving mij direct na de finish mee op. Volgens mij was ik toen al 3 minuten gefinisht. Hij blijft erbij dat hij 20 seconden na mijn finish bij mij was. Misschien was ik toch wat ver weg… Uiteindelijk belandde ik in de Rode Kruistent waar men mij na wat aandringen aan een infuus legde. Misschien was ik dus toch dieper gegaan dan ik zelf kon inschatten.
Nu 3 dagen na de wedstrijd is de teleurstelling van het niet kunnen presteren naar mijn eigen verwachtingen eindelijk wat weggeëbd. Ze heeft plaats gemaakt voor een gevoel van trots dat ik toch maar doorgebeten heb en op karakter de finish gehaald heb. Want zoals Wouter zei (en hij kan het weten): een DNF, dat wil je niet. Daar baal je jaren later nog van. Ik héb mijn witte finisher T-shirt. En de medaille ook. En ik heb dan wel het ‘post-Race-buffet’ niet gezien, door dat infuus ben ik van ons drieën het snelst gerecupereerd 😊.
Waarschijnlijk is deze keer mijn havermout-ontbijt te lang op mijn maag blijven liggen, waardoor al mijn andere voeding slecht opgenomen werd. Het lijkt momenteel de meest waarschijnlijke oorzaak, al heb ik in wedstrijden daarvoor met hetzelfde ontbijt geen problemen gehad. Enfin, weer een les geleerd, weer iets nieuws om in de komende wedstrijden mee te experimenteren… Elke triatlon die je doet, leert je een nieuwe les. Een les die je kan meenemen naar je volgende wedstrijden. En hoe belangrijk je trainingen ook mogen zijn, het zijn voor een groot deel die lessen die je al geleerd hebt, die bepalen hoe je zo’n long-distance triatlon finisht. Ik kan er dus maar sterker van worden, van deze ervaring…
Een verslag is nooit compleet zonder bedankingen… Op de eerste plaats moeten die gaan naar mijn vrouwtje Els en mijn twee kids. Zonder hun steun had ik zelfs niet aan de start gestaan zondag. Ik weet dat ik me tegenover hen niet schuldig moet voelen dat het niet liep zoals ik wou, maar toch heb ik dat in de wedstrijd zelf gedaan.
Coach Kris verdient ook zijn deel van de lof. Hij maakt me met de beperkte tijd die ik heb nu al 4 jaar op rij telkens beter en beter, zonder dat de trainingen ooit saai worden.
En last but not least, een dikke dankjewel aan mama, papa, Lise, Christine, Sara, maar vooral aan Wouter en Kristian. Want als jullie samen met Els, Jorunn & Malin niet langs (of op) het parcours hadden gestaan), dan had ik zondag niet over de finish geraakt…
Abonneren op:
Posts (Atom)







